Alle keramische werken van Katharina hebben een ding gemeen: de vraag, ¨waar kom ik vandaan, waar ga ik naartoe?¨
Ze zijn zoekende en schijnbaar nog bereid zich te veranderen.
De hoge, slanke vrouwenfiguren zijn door Katherina tot het wezenlijke van hun lichaam gereduceerd.
Een enkel gebaar, een licht vooruitgeschoven bekken, een nauwelijks merkbaar gebogen hoofd of voor het lichaam gehouden armen, vragen bij het zien een ingetogen kijken naar de stilte die deze vrouwen omringd.